donderdag 6 juni 2013

Vertolken van tongen

Door de gave van het vertolken van tongen (1 Corinthiërs 12:10) kunnen sommige christenen de onbegrijpelijke 'tongentaal' vertolken, dat wil zeggen in begrijpelijke taal weergeven, waardoor de boodschap tot nut kan zijn voor de hele Gemeente.

Beide 'tongengaven' zijn voor sommige christenen nogal controversieel. Ze weten er niet goed raad mee en zijn huiverig voor excessen die zij gehoord hebben of zelf hebben meegemaakt. Dat komt ook doordat sommige christenen beweren dat tongentaal het (enige) bewijs is van de doop met de Heilige Geest of van een leven onder controle van de Heilige Geest. Dat is echter niet juist. Maar het is ook niet nodig huiverig te zijn voor deze gaven. God heeft deze gaven aan Zijn Gemeente gegeven. Ze hebben een plaats en een functie naast de andere gaven. Het is daarom niet juist om deze gaven belangrijker te maken dan andere gaven, maar het is ook niet juist deze gaven te ontkennen.

woensdag 5 juni 2013

De gave van tongen

Deze gave die genoemd wordt in 1 Korintiërs 12:10 stelt christenen in staat om God te aanbidden en met Hem te praten in een taal die zij nooit geleerd hebben; de taal van de ziel. Ook kan het zijn dat God door deze gave van tongen een boodschap doorgeeft voor het Lichaam van Christus.

Dit betekent dat deze gave zich op twee manieren kan manifesteren. In de eerste plaats in de persoonlijke ontmoeting van een christen met God. Dit is het gebed dat plaatsvindt in je huis achter een gesloten deur (Mattheüs 6:6). Tongentaal, ook wel de taal van engelen genoemd, wordt zo de warme, intieme, emotionele taal van twee personen die elkaar liefhebben. Lees in dit verband ook eens Romeinen 8:26,27.

Daarnaast kan God ook door de gave van tongen tot de Gemeente spreken. Dit mag alleen als er ook iemand aanwezig is die de onbekende taal kan 'vertalen'. "Wanneer u samenkomt draagt iedereen wel iets bij: een lied, een onderwijzing, een openbaring, een uiting in klanktaal of de uitleg daarvan. Laat alles tot opbouw van de gemeente zijn. Er mogen twee, hoogstens drie van u in klanktaal spreken, ieder op zijn beurt en bovendien met iemand die de uitleg geeft. Is er niemand die dit kan, dan moeten ze zwijgen en alleen voor zichzelf tot God spreken." (1 Korintiërs 14:26-28)

dinsdag 4 juni 2013

Onderscheiden van geesten

De gave van het onderscheiden van geesten zoals Paulus die noemt in 1 Corinthiërs 12:10 is een beschermende gave die direct te maken heeft met de gave van profetie. Immers, wie zegt of een profeet optreedt als 'mond van God' of zijn eigen ideeën propageert? Wie vertelt ons als wij op een tweesprong staan wat de juiste weg is? De gave van onderscheid van geesten stelt sommige christenen in staat om te doorgronden of een bepaalde boodschap van God komt of niet. Dat is natuurlijk heel belangrijk om het Lichaam gezond te houden.

Het Bijbelgedeelte voor vandaag maakt duidelijk dat alle christenen op grond van hun kennis van Gods Woord en de werking van de Heilige Geest in hen, in de meeste gevallen kunnen onderscheiden wat van God komt en wat niet. "Vast voedsel is voor volwassenen; hun zintuigen zijn door ervaring geoefend en zij zijn in staat onderscheid te maken tussen goed en kwaad." (Hebreeën 5:14) De gave van onderscheid betekent, zoals alle gaven, een extra begaafdheid voor die christenen die deze gave hebben ter bescherming en opbouw van de Gemeente.

maandag 3 juni 2013

De gave van profetie

Nadat Paulus het in 1 Corinthiërs 12 heeft gehad over de gaven van wijsheid, kennis, geloof, genezing en krachten lezen wij in vers 10 over de gave van profetie. Veel christenen denken dat het bij deze gave gaat om het voorzien en voorzeggen van de toekomst. Dat klopt ook ten dele, maar de gave van profetie is veel breder. Het gaat hierbij om het verkondigen van Gods wil in concrete situaties. Het woord profeet betekent: spreker of woordvoerder. Een profeet is als het ware de spreekbuis of de mond van God. Een mooie uitleg van deze gave kunnen wij vinden in Deuteronomium 18:18b: "Ik (God) zal hun (profeten) mijn woorden ingeven, en zij zullen het volk alles overbrengen wat Ik hun opdraag."

De profeten van het Oude Testament bijvoorbeeld, riepen vaak de mensen op tot bekering van hun zondige wegen. Daarnaast gaf God hen soms inzicht in de toekomst.

vrijdag 31 mei 2013

De gave van krachten

Deze gave, die de kracht geeft wonderen te verrichten vinden wij 1 Corinthiërs 12:10. De gave van krachten kun je vergelijken met de gave van genezing. Bij de gave van genezing gaat het om Gods wonderbaarlijke ingrijpen in de lichamelijke en geestelijke gezondheid van mensen; bij de gave van kracht gaat het om Gods bovennatuurlijke ingrijpen ook in andere natuurwetten.

Deze gave manifesteert zich vooral dan als de verkondiging van het evangelie kracht bijgezet moet worden. "En zij gingen op weg om overal het nieuws bekend te maken. De Heer hielp hen daarbij en zette hun verkondiging kracht bij met de tekenen die ermee gepaard gingen." (Marcus 16:20)

Een jongeman die Eutychus heette, zat in het venster en werd door slaap overmand toen Paulus maar doorging met zijn toespraak. Diep in slaap verzonken viel hij van de derde verdieping naar beneden; toen men hem optilde bleek hij dood te zijn. Paulus ging naar beneden, ging op hem liggen, sloeg zijn armen om hem heen en zei: ‘Houd op met dat misbaar, want hij leeft!’ Hij ging weer naar boven, brak het brood en at. Daarna onderhield hij zich nog lange tijd met de leerlingen, tot het aanbreken van de ochtend. Toen vertrok hij. De leerlingen namen de jongeman, die weer tot leven was gekomen, met zich mee en voelden zich gesterkt door wat er was gebeurd. Handelingen 20:9-12. Zie ook Handelingen 9:36-42.

donderdag 30 mei 2013

De gave van genezing

Deze gave (1 Corinthiërs 12:9) die sommige leden van het Lichaam van Christus ontvangen hebben, maakt hen tot een bijzonder instrument in de handen van God om mensen genezing te brengen (zowel lichamelijk als ook geestelijk). Paulus noemt de gave van geloof en de gave van genezing terecht in één adem, omdat beide gaven nauw met elkaar verbonden zijn. Immers, het gaat hierbij om Godsvertrouwen in (vaak) 'onmogelijke' situaties. Lees in dit verband ook eens Jacobus 5:13-16.

Naast de vele genezingswonderen van Jezus Christus vinden wij in de Bijbel ook voorbeelden van gelovigen die deze gave hadden. Bijvoorbeeld Elia (1 Koningen 17:17-24), de apostelen (Mattheüs 10:1), Petrus en Johannes (Handelingen 3:1-10) en Paulus (Handelingen 14:8-10, 28:8-10). Deze gave van de Heilige Geest, om mensen te genezen, functioneert echter niet ‘automatisch’. God bepaalt wie wordt genezen. Paulus bijvoorbeeld mocht een instrument zijn in de genezing van zieken in Efeze (Handelingen 19:11,12), maar toen zijn discipel Trofimus ziek was, moest Paulus hem in Milete achterlaten (2 Timotheüs 4:20).

woensdag 29 mei 2013

De gave van geloof

In 1 Corinthiërs 12:9 wordt de gave van geloof genoemd. Hierbij gaat het niet om het geloof en het vertrouwen dat alle christenen (moeten) hebben in God. Immers, uit de context blijkt dat niet alle christenen deze gave van geloof hebben. Het gaat hier om een bijzonder geloof, een extra geloofsdimensie die vaak gekoppeld is aan een bepaalde gebeurtenis.

Met andere woorden, dit bijzondere geloofsvertrouwen is niet altijd automatisch aanwezig, maar heeft vaak te maken met unieke omstandigheden waarin de persoon of de Gemeente zich bevindt. De gave van geloof geeft sommige christenen de mogelijkheid een buitengewoon groot vertrouwen te hebben in God en in Zijn voorzieningen. Christenen die deze gave hebben, durven in bepaalde omstandigheden God te vertrouwen voor het onmogelijke. Het zijn vaak ‘visionairs’ die anderen weten aan te vuren door hun enthousiasme en Godsvertrouwen. Het zijn christenen die door hun geloof bergen kunnen verzetten (Mattheüs 17:20).

In de Bijbel vinden wij vele voorbeelden van dit bijzondere geloofsvertrouwen. Een echt mooi voorbeeld is de centurio van Kafarnaüm (Mattheüs 8:5-13). Toen Jezus hoorde van de ziekte van zijn knecht, bood Hij aan om met de centurio mee te gaan om zijn slaaf te genezen. (Wat wil een mens nog meer!) De centurio vond het echter te veel gevraagd van Jezus. "Daarop zei de centurio: Heer, ik ben het niet waard dat U onder mijn dak komt, U hoeft alleen maar te spreken en mijn slaaf zal genezen." (Mattheüs 8:8) Wat een geloof! Jezus was onder de indruk van het geloof van deze man. "Tegen de centurio zei Jezus: Ga naar huis. Zoals u het geloofd hebt, zo zal het gebeuren." (Mattheüs 8:13) Precies op dat moment werd de knecht genezen.